Belandde je in het leven elders dan je waar je je voorstelde? Hoe zagen de wendingen op je pad eruit? Wat bleef doorheen je verrassende of zelfs onlogische keuzes toch onbewust de leidraad? En wat zien professionele kameleons uiteindelijk als hun levenswerk? Onze nieuwe vraagstaart spit het brein uit van telkens weer een andere markante zigzagger.
Op haar zesenveertigste ziet ze zichzelf als mid career. In 2001 studeert Natasja Devos af als management assistant. Een Erasmusuitwisseling in Parijs plant het zaadje voor wat komen gaat. Als studentenvertegenwoordiger leert ze hoe studiefinanciering werkt en die kennis zet ze in tijdens een extra studie marketing. Met dat tweede diploma op zak trekt ze opnieuw naar de Franse hoofdstad, voor een grondig taalbad.
De jonge marketeer gaat er aan de slag in marketing en business development binnen HR-consultancy en leert haar Canadese partner kennen, maar in 2007 gaat het roer weer om: in Gent wacht een studie bachelor toegepaste taalkunde. Ook dat derde diploma behaalt ze vlot en na een master vertaalkunde daar nog bovenop trekt ze met haar partner een jaar naar diens thuisland. Daar rijpt het plan om zich als zelfstandig vertaler in het zuiderse Toulouse te vestigen.
Een degelijk professioneel statuut biedt haar het lokale coöperatieve circuit, de cooperative d’activité et d’emploi (CAE). Die legt ook de grondslag voor een persoonlijk sociaal engagement, want de jonge vertaler engageert zich er binnen de raad van bestuur. Het vertaalbureau groeit en bloeit jarenlang dankzij een grote gedrevenheid en een breed ondernemersnetwerk, maar de lange dagen eisen hun tol en bovendien ligt AI op de loer.
In 2023 ligt ze als co-founder nog mee aan de basis van een eigen VZW, een ‘nomadische’ school rond ecologie en democratie voor jongeren buiten het klassieke schoolsysteem. Het leidt drie jaar later tot misschien wel de dapperste ‘nee’ uit haar carrière. Rond dezelfde tijd wordt ze bij de coöperatie waar ze zowel werkgever als werknemer is om economische redenen ontslagen en komt het vertaalklavier aan de wilgen te hangen.
De marketeer, vertaler, ondernemer en docent ziet haar outplacementtraject als een adempauze. Aan de horizon duikt uitweg op, als business ambassador voor internationale maritieme cultuurprojecten. Eerst op het prestigieuze SAIL Amsterdam als liaison officer op een groot Frans zeilschip via https://www.fondationbelem.com/fr/ en daarna in een Zuid-Frans project rond een hedendaags nagebouwd Vikingschip, de Orkan (https://batar.fr/). Internationaal cultuurprojectmanagement, iemand? Het roer mag weer om.
De kameleonvraagstaart
Wat betekent wendbaarheid voor jou?
“In elke situatie kritisch blijven nadenken. In moeilijke tijden het positieve blijven zien en wanneer je piekt blijven checken wat je in ruil moet opgeven, zoals tijd voor geld.”
Welke gewoonte of overtuiging heb je de voorbije jaren bewust losgelaten?
“Niet elke ervaring hoeft CV-waardig te zijn. Denk minder na over wat iets oplevert. Want als je dingen doet die je niet echt interesseren, kun je er later ook niet met passie over spreken.”
Welke eigenschap bewonder je het meeste in mensen die in de chaos overeind blijven?
“Rust en kalmte. Ik kan wel rustig blijven in een echte crisis, zoals wanneer er iemand op straat gewond raakt, maar alledaagse chaos vind ik moeilijk. Op het Vikingschip zag ik het van dichtbij: een scheepsromp die opgetild moest worden, een kraan met te weinig tegengewicht. Hoe die mensen de rust zelve bleven, ik vond het geweldig. In tegenstelling tot mezelf.”
Wat is de meest waardevolle bocht die je ooit in je carrière gemaakt hebt?
“Mijn start als zelfstandige. Ondernemerschap zit in de familie. Mijn grootvader richtte een radiocentrale op in Leuven, mijn moeder begon een boetiek in panty’s en lingerie. Het is tegelijk vrijheid en intensiteit en risico.”
Wat is het dapperste dat je ooit gedaan hebt door ‘nee’ te zeggen?
“Ik zeg zelden nee, maar de dapperste beslissing nam ik toen ik uit onze VZW stapte. Het was ons kindje dat we met vier vrienden hadden opgericht. Alleen zaten we niet meer op dezelfde lijn qua visie en snelheid. Mijn energie raakte op en ik vond mezelf niet langer een troef. Dan moet je eruit durven stappen.”
Welk talent dat je niet bezit, had je graag gehad?
“Muziek horen en het stuk meteen kunnen naspelen. Ik kan wat klanken voortbrengen op piano of gitaar, maar that’s it. En hoe ik goeie songwriters bewonder! Maar op carrièrevlak zou ik meer talent willen om kritiek te geven. Negatieve feedback geven vind ik lastig. Iets in mij wil mensen altijd in hun waarde laten.”
Wat is de meest onconventionele beslissing die je nam, die achteraf verrassend goed uitpakte?
“Opnieuw gaan studeren op mijn zesentwintigste. Ik had een goede baan in Parijs, maar ik zette alles op pauze voor die studie toegepaste taalkunde en daarna nog een master in het vertalen. Mijn zevenentwintigste verjaardag bracht ik logerend door bij vrienden in Gent, ’s avonds alleen na een dag grammatica met een boordevol hoofd. Toen twijfelde ik, ja. Maar het werden drie geweldige jaren waar ik nooit spijt van kreeg.”
Welke vorm van creativiteit wordt onderschat?
“Spullen repareren. Mensen denken bij creativiteit aan iets nieuws maken, maar van iets herstellen zoals een kledingstuk of het fototoestel van mijn grootvader word ik heel blij.”
Is er een discipline die je nodig hebt, maar waar je mee worstelt?
“Organisatie en planning. Mensen denken vaak dat ik georganiseerd ben, maar ik heb gewoon al zóveel technieken uitgeprobeerd dat ik er advies over kan geven.”
Wat is voor jou het verschil tussen koppig zijn en volhardend blijven?
“Blijf je energie puren uit je acties, dan is dat volharding. Maar als je steeds verder in een zwart gat zinkt en toch blijft doorgaan uit angst voor gezichtsverlies… dat is koppigheid. Ik heb weinig met doorzetten om je eigen gelijk te bewijzen. Wie kan het uiteindelijk wat schelen, behalve jij?”
Wat is je grootste succes en welke prijs heb je daarvoor betaald?
“Als zelfstandig vertaler draaide ik eens bijna honderdduizend euro omzet in één jaar. De prijs was mentale uitputting. Ik schuurde tegen een burn-out aan. Ik had zóveel werk dat ik zelfs geen ruimte had om hulp te zoeken. Tot ik mijn tijdsbesef verloor en een keer zelfs mijn oriëntatie op straat.”
Wat is je huidige gemoedstoestand?
“Voorzichtig optimistisch.”
Welke rol speelt toeval bij succes?
“Succes vind ik helemaal niet zo maakbaar. Je kunt alles plannen en één kink in de kabel zet alles op zijn kop. Omgekeerd kan één toevallige ontmoeting je leven veranderen. Maar belangrijk is wel dat je ook moet openstaan voor toeval. Een sollicitatietraining op school had ik tot in de puntjes voorbereid, tot de interviewer iets zei over ijshockey. Toen hebben we daar een halfuur over gepraat.”
Wat was je meest leerrijke tegenslag?
“Het einde van de coöperatie waar ik werkte en waar ik mee in het bestuur zat. De organisatie werd het slachtoffer van haar eigen succes. Van kleinschalig en familiaal naar plots te groot, maar zonder de juiste processen of structuur. Ik dacht dat ik het kon redden, maar nee. Het leerde me dat dingen eindig zijn en dat je hoofdstukken mag afsluiten of verantwoordelijkheid teruggeven. Best een harde les.”
Wat helpt jou om niet te verharden of te verzuren?
“Positieve verhalen. Zien dat er veel mensen goed doen in de wereld. De natuur intrekken. Ik woon tegen de Pyreneeën aan en dat omarm ik. Het helpt om weer perspectief te krijgen en om te beseffen dat je maar een radertje bent. Onlangs voer ik uit met het de Orkan en zag ik besneeuwde bergtoppen. Ik voelde bijna tranen van geluk.”
Zijn er dingen waar je ondanks al je ervaring nog fundamenteel over twijfelt?
“Of ik wel interessant of goed genoeg ben. Waarom zou iemand met mij in zee gaan voor een groot project? Ik slinger voortdurend tussen dapperheid en vertrouwen in mezelf en een redelijk hevige faalangst.”
Welke kwetsbaarheid mag volgens jou vaker zichtbaar zijn?
“Onzekerheid. Mensen openen snel hun hart voor mij en dan merk ik dat iedereen wel een rugzakje heeft. Kinderen, ouders, ziekte, verlies… In professionele context wordt dat vaak weggeduwd, terwijl het net verbindt. Je hoeft geen details te delen, maar context helpt. Samenwerken wordt makkelijker als je elkaar als mens ziet.”
Hoe kom je tot je beste ideeën en hoe maak je er ruimte voor?
“Dat sleutelmoment tussen slapen en waken. Net voor ik wakker word zie ik de dingen plots glashelder. Dat lukt alleen als ik de ruimte neem om voldoende te slapen en ik ook echt diep slaap, maar helaas is bingewatchen mij ook niet vreemd (lacht).”
Welk aspect van jouw persoonlijkheid probeer je te temperen?
“Ik ben snel in mijn wiek geschoten. Ik heb lange tenen en een kort lontje. Met kritiek kan ik om, maar als die onhandig of bot gecommuniceerd wordt, dan gaan mijn stekels omhoog. Ik probeer me wel altijd in de ander te verplaatsen.”
Wat zie je als je levenswerk?
“Dat is de enige waar ik écht geen antwoord op heb. Ik zet mijn joker in!”
Wie is jouw favoriete historische personage?
“Boudica, de Keltische koningin die het opnam tegen de Romeinen. En Maria, want die moest toch maar uitgelegd krijgen dat ze zwanger was van God. De laatste tijd verdiep ik me in vrouwelijke piraten zoals Grace O’Malley (1530-1603), Anne Bonny (1697-1721) of Mary Read (1685–1721). Die voeren vaak vermomd als man het zeegat uit. Vrouwen met een enorme overlevingsdrang in een wereld die hen geen rechten gaf.”
Wie vergeef je wat nooit?
“Collega’s noemden me ooit te voortvarend, terwijl zij zelf te laat waren bij een klantafspraak. Ik werd toen ook als bliksemafleider gebruikt. Ik ben mild en ik vergeef, maar vergeten doe ik niet.”
Welke vraag zouden leiders zichzelf vaker moeten stellen?
“Wat is de impact van mijn acties op lange termijn? Niet alleen over vijf of tien jaar, maar over vijf generaties? Wat is mijn legacy?”
Welk boek, lied of kunstwerk is jouw kompas?
“Wear Sunscreen, de tekst die bekend werd via Baz Luhrmanns nummer Everybody’s Free (To Wear Sunscreen), gebaseerd op een essay van Mary Schmich, over hoe je een gelukkiger leven kan leiden zonder je zorgen te maken. Eén regel die voelt als een persoonlijke opdracht is “Do one thing everyday that scares you.”
Wat zou jij je twintigjarige zelf willen vertellen?
“Dat ik ook later nooit zal weten wat ik wil worden en dat dat oké is. Je hebt geen lineair carrièrepad nodig. Ik zie mijn parcours als een troef. Wat ik ook doe, ik bouw competenties op die ik later opnieuw kan gebruiken. Alleen zie ik dat niet altijd meteen in.”
Hoe wil jij graag herinnerd worden?
“Als een goed mens, echt waar. Ik wil een bruggenbouwer zijn. Ik wilde talen leren omdat enkel Nederlands voelde als een keurslijf. Communiceren en andere culturen begrijpen was altijd mijn drijfveer.”
Fotograaf: Wieland De Hoon